Radijs

TEMPERATUUR:

De ideale temperatuur is 24° C tot de ontkieming, daarna kun je het verlagen naar 16° C. De optimale omgevingstemperaturen is afhankelijk van wat je wilt telen, maar 18-24C ° is over het algemeen een gunstig bereik. Temperaturen daarboven kunnen de ziektedruk verhogen en kieming remmen.  Er moet wel voldoende luchtcirculatie zijn om problemen met plagen en ziekten te voorkomen.

VERLICHTING:

Overweeg aanvullende verlichting in elke omgeving waar natuurlijk licht onvoldoende is, zoals in een kas tijdens de korte winterdagen. Zoals duidelijk is kunnen microgreens worden gekweekt onder omstandigheden met weinig licht, omdat de zaden zelf energie hebben opgeslagen die ze kunnen gebruiken om te ontkiemen. Echter, microgreens zullen beter groeien en de opbrengst verhogen als de lichtintensiteit toeneemt. Voor glastuinbouwers is aanvullend licht alleen nodig in de late herfst, winter en vroege lente, wanneer het licht beperkend is. Als je in een gecontroleerde omgeving zonder zonlicht groeit en afhankelijk bent van kunstmatige verlichting, is het niet een kwestie van wanneer je licht gaat geven, maar veeleer de lichtintensiteit.

VOEDINGSTOFFEN

Is een beetje afhankelijk van de medium die je gebruikt. Bij potgrond is gewoon water geven meestal het beste. Water met verdunde voeding is geschikt voor media zonder inherente voedingswaarde, of voor langzaam groeiende soorten. Wanneer je een voedingsoplossing gebruikt moet je voorkomen dat de zaden van micro-greens niet overspoelt of verzadigd raken. Ze kunnen niet alleen gemakkelijk worden weggespoeld, maar ze zijn ook zeer vatbaar voor schimmelproblemen. Nutriënten zijn niet nodig totdat de zaadlobben tevoorschijn komen. Op dit punt hebben zich chlorofyl gevormd en de begint de fotosynthese. De zaailing heeft ook zijn embryonale voedingsreserve op dit punt behoorlijk uitgeput. Een eenvoudige voedingsformule is voldoende. Er zijn formules die speciaal gemaakt zijn voor de productie van microgreens, maar er zijn zoveel variabelen die relevant zijn voor de talloze gewassen die worden gebruikt als microgreen, die je afzonderlijk zou moeten onderzoeken. Grassen zoals tarwe gras, luzernegras en zelfs maïs hebben een heel andere EG-eis dan de meeste kruiden of groenten. De meest voorkomende is de voedingstof met NPK 2-1-6. Hierover later meer.