DELEN

Containerfarming is het telen van producten in een container, die dusdanig is aangepast dat de weersomstandigheden worden overwonnen en die volledig is ingericht met een zo efficiënt mogelijk hydroponics teeltsysteem. Containerfarming is hot. De superlatieven vliegen je om de oren als je ernaar op zoek gaat. Maar is dat wel terecht? Hierbij een kritische kijk op deze nieuwe manier van groenteteelt.

De vraag die we moeten stellen is of de opkomst van containerfarming een realistische technologische ontwikkeling is of alleen geschikt voor een exclusief kropje sla. Het is tijd om onrealistische verwachtingen door te prikken en eerlijk te praten over de mogelijke voor- en nadelen van deze trend. Ik hoop u via dit artikel, dat is ontstaan na onderzoek van de diverse sites, het uitwisselen van ervaringen met mensen in diverse landen en verhalen die ik vanuit de hele wereld heb vernomen, u een zo’n objectief mogelijk beeld te geven over de reële plaats die containerfarming in de toekomstige voedselschaarste zou kunnen innemen.

Wanneer je de markt van het aanbod van containersystemen bekijkt zijn er een aantal bedrijven die eruit springen. De bekendste zijn: Freight Farms, Smart Greens, CropBox, Modularfarms, Alesca Life en Agritom. Dit laatste bedrijf is meer gericht op foddersystemen (grasteelt). Wat onbekender zijn: Growtainer®, Madar Farms, Harvestsquared, BoxXLand, Urban Crop Solutions en Sprout Stack. De Amerikaanse containers zijn over het algemeen de bekendste. Zij hebben dit denk ik te danken aan hun agressieve marktbenadering met heel veel beloften. ( u vindt nog meer bedrijven en gegevens op onze website)

Opvallend is dat de containers voor containerfarming niet goedkoop zijn. De meeste bedrijven zijn helaas niet transparant over hun prijzen. Maar als je geld genoeg hebt kun je zelfs een container met je eigen naam laten maken zoals de Belgen hebben gedaan met FARMPRO in samenwerking met het bedrijf Urban Crop Solutions.

In Nederland kennen we ook containerfarming. Er is bijvoorbeeld het Nederlands initiatief van Patrick Stoffer (Freight Farms container), die nu onder de naam Growlocal een van deze containers uitprobeert. Hij heeft zijn ervaringen met ons gedeeld. Zijn groenten gaan voornamelijk naar het woon- en zorgcentrum Humanitas in Deventer en we zullen zeker meer van hem gaan horen . Albert Heijn en De Bakker Barendrecht (Urban Crop Solutions container) hebben zich er ook aan gewaagd en er zelfs eentje “voor” het hoofdkwartier van Ahold Delhaize in Zaandam geplaatst. Alleen zal dat eerder een reclamestunt zijn dan een bijdrage aan ons wereldvoedselvraagstuk denk ik.

Enkele cijfers

Er wordt veel gesproken over de vergelijking met de opbrengst van een container en traditionele landbouw. Zo zou elke 40ft zeecontainer het jaarlijkse equivalent van drie tot vijf hectare landbouwgrond opleveren. En in een container zou je minimaal zes keer zo snel planten kunnen laten groeien als op een conventionele boerderij. Laten we eens kijken naar de echte cijfers (cijfers zijn gemiddelden).

  • feit 1. Een 40ft container heeft een inhoud vaan 66 m3. De is lengte 11,95, de breedte 2,33 en de hoogte 2,37 meter.
  • feit 2. Sla op volle grond levert (8 tot) 12 kroppen m2 op en kan 2 keer per jaar geoogst worden.
    Sla onder glas levert gemiddeld 20 kroppen sla op per m2, met gemiddeld 5 oogsten/jaar.
    Sla onder glas op basis van hydroponics levert 70 kroppen/m2 op en 8 tot 9 oogsten per jaar.
    Sla in de moderne geautomatiseerd omgeving levert 100 kroppen per m2 op, maal 9 oogsten.
  • feit 3. De kostprijs van een krop sla is zo’n 24 cent. De inkoopprijs rond de 36 cent en de verkoopprijs tussen de €0,80 en €1,00.
  • feit 4. Het gewicht van sla ligt gemiddeld tussen de 200 en 350 gr. (afhankelijk van de soort).
  • feit 5. De opbrengst per hectare volle grond is 10.000 x 12 kroppen x 2= 240.000 kroppen per jaar is 48 ton;
    De opbrengst per hectare onder glas is 10.000 x 20 x 5 = 1.000.000 kroppen = 200 ton;
    De opbrengst per hectare geautomatiseerd is 10.000 x 100 x 9 = 9.000.000 kroppen= 1800 ton.

Nu gaan we kijken naar de container. Bijna alle 40 ft-containers komen uit op een opbrengst tussen de 27.000 tot 40.000 kroppen sla per jaar (zie onze website). Dit komt overeen met maximaal 1/6 hectare traditionele landbouw (dus geen drie of vijf hectare zoals gezegd wordt!). De opbrengst is natuurlijk afhankelijk van diverse factoren maar ook hoe je een krop sla definieert. Om te beginnen heeft iedere krop sla een bepaalde ruimte nodig. Hoe meer ruimte er naar opslag, beweging en verwerking gaat, des te minder ruimte voor de sla. Deze vergelijking maakte ik ook altijd bij het organiseren van een beurs: iedere bezoeker heeft minimaal 1,5 m2 nodig. Dus kun je heel snel uitrekenen hoeveel bezoekers er op een beurs kunnen zijn: breedte maal lengte van de gangpaden en bezoekersruimten (+natuurlijk de tijd van bezoek meegenomen). Iedere beursorganisator zal voor de promotieactiviteiten meer rekenen dan de werkelijkheid, wat verdacht veel gaat lijken op de berekening van het aantal kroppen sla. Want ook hierbij ben je gebonden aan een aantal wetmatigheden. Een volwassen slaplant heeft een ruimte nodig van minimaal 30x30x30cm (=27.000cm3). Dus wanneer je een container 100% vol hebt kun je er 2444 planten in kwijt. Dan heb je geen gangpad, geen afstand van verlichting naar plant, geen pluk- of verwerkingsplaats, geen ruimte voor elektra, pomp, etc. En iedere cm3 telt. Volgens de bouwers van de containerfarms schommelt het aantal planten tussen de 2700 en 3500 planten per container. Ze hebben blijkbaar een truc bedacht om de hoeveelheid ruimte per krop sla te verkleinen. In de praktijk zie je dit ook. Een verticaal systeem heeft 13 planten per rij. Dat zou neerkomen dat je bijna 4 meter de hoogte in moet uitgaande van mijn afmetingen. Maar de hoogte van een container is maar 2,37 meter. Dus hebben de planten maar 18 cm onderlinge afstand in plaats van 30. In de traditionele landbouw is dit 25 tot 30 cm. De afmeting van een kleine krop sla ligt tussen de 15 en 20 cm. Volgroeit zijn ze in principe altijd groter. Met andere woorden: de groeiruimte, het aantal kroppen sla per m2, wordt beperkt in vergelijking met waterteelt en landbouw. De opbrengst wordt daarnaast nog verder opgevoerd door het groeiproces te versnellen en te optimaliseren. En ziehier: de plofsla is een feit!

Laten we nu eens uitgaan van de opbrengst zoals die volgens de containerbouwers haalbaar is, dus 27 tot 40.000 kroppen per jaar. Dan kom je op 74 tot 110 kroppen per dag. Een winkel betaalt er ongeveer 36 cent voor, dat is tussen de 26 en 40 euro per dag, of 780 tot 1200 euro per maand. Dat is natuurlijk niet de winst, maar de omzet. De aanschaf van de container en het systeem, de grond om ‘m op te zetten, de elektra, het water, het zaad, de groeistoffen, het onderhoud en de loonkosten zijn daarbij niet meegerekend. Als je de kroppen rechtstreeks aan de consument zou kunnen verkopen, wat uiteraard wel veel meer werk is, voor een prijs van een euro per stuk, is je bruto-omzet bij 80 kroppen per dag 2400 euro per maand.

 Negatieve kanten

  • Een containerfarm is niet goedkoop. Hoewel ze niet allemaal hun prijs vermelden ligt de prijs ongeveer tussen de 75 en 120.000 euro. Dat is per hectare 25 tot 40 miljoen euro. Voor een tiende van dat geld heb je een moderne kas, met een prijs van ongeveer 2,5 tot 4 miljoen euro per hectare;
  • De elektriciteitskosten van een container zijn aanzienlijk. Ook hier vermelden de bedrijven liever niet wat hun containers aan elektra verbruiken. Maar uitgaande van de hoeveelheid ledlampen mag je ervan uitgaan dat het energieverbruik rond de 35000 kWh per jaar ligt (gelijk aan het verbruik van ruim 10 huishoudens). Afhankelijk van in welk land je woont drukken deze kosten je winst veel of heel veel. In Nederland komt het neer op ruim €7000 per jaar of €600 per maand.
  • De werkomstandigheden zijn niet ideaal. Aangezien iedere cm3 belangrijk is zie je dat de werkruimte minimaal wordt gehouden. Gekscherend kun je dan ook zeggen dat het werk niet is weggelegd voor mensen met een stevig postuur. Ook dient te container bij de meeste weersomstandigheden steeds afgesloten te zijn, dus je bevindt je dan in een afgesloten ruimte met kunstmatig licht. Je moet dus ook niet claustrofobisch zijn.
  • Sommige containerbedrijven hebben ook een manier bedacht om de winst niet te beperken door het alleen verkopen van de container. Zij maken je het liefst langdurig van hen afhankelijk. Dit kunnen ze doen door voedingssystemen te ontwikkelen die alleen zij hebben. Je bent dan verplicht om deze te blijven afnemen. Soms zie je ook dat groeimediumsystemen speciaal zijn gemaakt voor hun container. Prijzen hiervan zijn niet bekend. Maar ook zonder deze wurgconstructie zal je je planten moeten voeden.
  • Er is een beperking in het aantal groenten. De huidige kweekcontainers zijn gericht op hoogwaardige, snelgroeiende gewassen die slechts een kleine oppervlakte nodig hebben en een hoge omzetsnelheid hebben, zoals sla, basilicum en andere saladeproducten. Langzamer groeiende groenten zijn al helemaal niet winstgevend.

Wanneer je alle aspecten bekijkt dan zie je dat de aanschaf van de container en de aanleg van water en elektrokabels al een forse investering vergen en dat daarnaast doorlopende kosten zoals grondhuur, belastingen, energie, zaden, groeimediums, en voedingstoffen de winst aanzienlijk onder druk zet. Feitelijk moeten we constateren dat het exploiteren van een container als teeltlocatie niet rendabel is, integendeel: het is behoorlijk verliesgevend. Je moet minimaal vier containers hebben en 80 uur per week werken om het rendabel te maken. Of iedere krop sla voor €4,- kunnen verkopen.

Vergeet niet dat containerfarming feitelijk niet mag gaan over hoeveel productie je in een ruimte kunt proppen. Het gaat erom voedsel dichter bij de mensen te brengen en de productie alleen te maximaliseren als een functie om de middelen en de arbeid die je investeert terug te verdienen. Maar niet ten koste van alles. Dus hoewel containerparken de potentie hebben om fundamenteel een bijdrage te leveren om het voedsel dichter bij de markt te brengen, moeten de mensen die deze containerfarms exploiteren wel kunnen overleven om een impact te kunnen maken.

Positieve kanten

Zeker heeft containerfarming ook voordelen ten opzichte van andere teeltvormen.

  • Qua duurzaamheid is het hergebruiken van containers natuurlijk perfect. Ze zijn gemakkelijk te vervoeren en de containers zelf zijn goedkoop en er zijn er veel. Met name de 40ft-containers zijn populair (maar een oude container is nog lang geen containerfarm).
  • Een ander positief aspect van een container is dat deze op onmogelijke plaatsen neergezet kan worden. Je hebt immers maar een oppervlakte van 12 bij 2,5 meter nodig. Hoewel ze wel vergeten te vermelden dat je er rekening mee moet houden dat de meeste containers een perfect vlakke ondergrond (waterpas) vereisen om goed te functioneren. Dus het zomaar in je achtertuin zetten kan moeilijk worden.
  • Een ander voordeel van een container is dat je snel een eigen bedrijf kan beginnen en er geen speciaal gebouw nodig is (waarschijnlijk wel een bouwvergunning). Dit betekent dat een moderne stadsboer of een bedrijf in de stad een container makkelijk achter hun restaurant of zelfs op een parkeerplaats kan laten zetten.
  • Het meest voor-de-hand-liggend voordeel van elke vorm van tuinieren in een container, of het nu gaat om bloemen, gras of groenten, is de mogelijkheid om deze te telen op plekken waar een normale tuin niet kan worden gerealiseerd. Zoals bij grondgebrek of gebrek aan schone grond.
  • De afstand van productie naar de klant is minimaal.
  • Ook het vervoer van de groenten naar de lokale markt drukt de foodprint.

Conclusie

Containerfarming is een stukje techniek dat op zich niet uniek is. Er zijn voldoende locaties en initiatieven in de wereld in gesloten ruimtes die gebruik maken van dezelfde technieken. Je moet je dan ook afvragen of juist in een stad een bestaande locatie niet geschikter is om voedselproductie dichter bij de klant te brengen. Containerfarming heeft wel de techniek en de potentie om op een klein oppervlak relatief veel groenten te telen, alleen: ten koste van wat? Het is beslist geen haalbaar duurzaam initiatief gezien de kosten. Voorlopig kan ik geen plaats vinden in de wereld die deze containerfarming zou rechtvaardigen als het gaat om het oplossen van ons “wereldvoedselprobleem” of voor een duurzame toekomst. Er zijn veel goedkopere systemen te realiseren in een stad om dit “probleem” op te lossen. U kunt altijd hierover ons benaderen. Aan de andere kant wanneer een container ingezet kan worden in warme landen met zonnepanelen als elektriciteitsbron en een of twee oogsten minder dan zou het een ideale manier zijn om op echte locaties waar nood is (vluchtelingenkampen, droogte gebieden, ect.) het te gebruiken.

© Ed van der Post